ooscaar
Wijs gebruiker
250 μg 1P-LSD: In de existentiale modus van het naar-de-klote-zijn
Wie: Ik, alleen.
Wat: 2 zegels 1P-LSD van 125 μg per stuk.
Waar: In het huis van mijn moeder, binnen.
Wanneer: Afgelopen zaterdag.
Relevante ervaring: Ruime ervaring met 2C’tjes, 1 keer ‘echte LSD’, 2 keer psilo, 4 keer 1P-LSD vanaf juni, was voor mij niet te onderscheiden van ‘echte’ LSD.
Voordat ik begin, deze trip zie ik als een spirituele en filosofische doorbraak voor mijzelf. Ik denk dat ik dit zie als een van de belangrijkste ervaringen die ik ooit gehad heb. Ik denk dat het ook het dichtste is dat ik ooit bij een psychotische ervaring ben gekomen. Het report is, door de materie waar het op slaat lang en jammer genoeg vrij onleesbaar. Omdat deze ervaring zo belangrijk voor mij is heb ik er toch een report over geschreven.
Mijn laatste volwaardige trip (op een volle dosis) was in juni. Deze zomervakantie zou ik bijna twee maanden volledig vrij zijn, ook geen werk, na een druk jaar. Ik ben van mijzelf erg geïnteresseerd in filosofie dus ik had wel een vakantieprojectje op me genomen: het lezen van Zijn en Tijd van Martin Heidegger, bekend als een van de moeilijkste boeken die er bestaan maar tegelijkertijd misschien wel het grootste filosofische werk sinds 1900. Het boek stelt de zijnsvraag, wat ‘is’ zijn en hoe hangt dat samen met de tijdelijkheid. Zoals misschien duidelijk zal zijn is dit een vraag die niet eenvoudig te beantwoorden is en de taal lijkt de woorden en zelfs de grammatica te missen om deze vraag goed te beantwoorden. Het boek komt met antwoorden op vragen als wat waarheid is, realisme versus idealisme, wat zijn is, wat tijd is door de existentie van het erzijn (ofwel dasein ofwel bewustzijn) te analyseren. Omdat het ‘mijn’ eigen bestaan ofwel existentie analyseert zou je Heidegger een grondlegger van het existentialisme kunnen noemen. De uiteindelijke uitkomsten hebben betrekking op de onderliggende zijnsgrond (existentialen, ontologisch) en hebben geen betrekking op wat zich meer direct als zijn lijkt voor te doen aan onze waarneming (existentiëel, ontisch).
Tot dusver de introductie in het boek van Heidegger. Ik probeer in dit report te vermijden te veel specifieke details over Heidegger te geven, omdat dit niet goed samen te vatten is en omdat ik een trip report en geen filosofische verhandeling schrijf. Wel heeft dit boek een enorme invloed gehad op mijn trip en daardoor is enige introductie noodzakelijk. Ik heb dit boek aandachtig gelezen gedurende de zomer, wat behoorlijk wat tijd in beslag nam vanwege de moeilijkheidsgraad, en ik snapte de ideeën wel, maar tot een vol begrip kwam het niet. Een ‘vol begrip’ zie ik als de ideeën snappen alsof deze oorspronkelijk van jezelf zijn gekomen of gekomen hadden kunnen zijn. Het is van belang om in te zien dat ik eigen gedachten, gelezen stof van Heidegger, en elementen uit de trip combineer. In principe schrijft iedereen op deze wijze maar het is kan dus zijn dat dit erg door elkaar loopt.
Zaterdagochtend vroeg nam ik de dubbele dosering, de twee zegels, onder mijn tong, zodat de trip de hele dag in beslag zou nemen maar ik hopelijk wel weer op een normaal tijdstip zou kunnen slapen. Vanwege de hoge dosering kwamen de effecten behoorlijk snel opzetten: al na 20 minuten kon ik duidelijk een verandering van bewustzijn merken. Na 30 minuten slikte in de zegels door, mede omdat de speekselconsumptie door de zegels mij wat misselijk maakte. Na 45 minuten waren de effecten al zodanig aanwezig dat ik al echt aan het trippen was. Uiteraard bouwden de effecten daarna nog flink uit tot de piek na 90-120 minuten. Op dit punt was ik niet meer in staat de klok in de gaten te houden dus ik kan niet zeggen wanneer de piek precies was.
Toen de effecten uitbouwden werd de verandering van bewustzijn maar ook de bodyload zodanig dat ik vrij snel mijn lichaam niet meer onder controle had en amper nog kon bewegen, eigenlijk alleen als ik dat echt probeerde te forceren. Dit soort dingen had ik verwacht en dit is ook de reden dat ik deze dosis thuis en alleen heb gedaan. Vanwege deze werking ben ik op bed gaan liggen en heb ik rustige, redelijk psychedelische rock op gezet en daarna ambient. Dat ik mijn lichaam niet meer onder controle had bouwde uit tot een ego-oplossing. Ik voelde ‘mij’ binnen mijn lichaam steeds kleiner worden. Dit merkte ik doordat mijn kamer, en ook mijn lichaam steeds groter werden, alsof ik langzaamaan een insect werd dat nog in mijn lichaam zat. Iets later trad ik als bewustzijn zelfs uit mijn lichaam. ‘Mijn’ ego was weg, en ‘ik’ was in de kamer een geworden met de omgeving. Er was geen ‘ik’ of ‘mijn’ op dat punt meer, die was er enkel geweest. Ik heb eerder ervaringen gehad die ik als ego-oplossing of egodeath zou beschrijven maar nooit zo direct, nadrukkelijk en overduidelijk.
Door deze ervaring ging ik nadenken over de toestand waar ik in leefde, ik ‘was’ nog steeds, maar wel alsof mijn lichaam en mijn ik ‘dood’ waren. Door meditatie was ik op mijn eigenlijke hele zelf teruggeroepen, of, in Heidegger bewoordingen in de modus van zijn-ten-dode, wat geen dood zijn is. Ook dit was een zijn, net zoals het alledaagse leven dat is. De enige manier waarop dit mogelijk is, is door het ego los te laten. Voordat ik deze ego-oplossing bereikt heb, heb ik eigenlijk alles wat ‘ik’ ‘had’ los moeten laten en me totaal moeten overgeven aan wat er ging gebeuren. Ik wist dat mijn lichaam niet dood was, maar in deze modus liep ik vooruit op het zijn-ten-dode (existentiaal opgevat). Om later weer actiever te worden wist ik dat ik weer een ego (existentiaal opgevat) zou moeten oppakken om weer actief in-de-wereld te zijn. Het ideaal van totaal geen ego is niet iets wat je tijdens het leven kunt bereiken en het valt zelfs te betwisten of mijn ervaring een ‘totale’ ego-oplossing was. Het is al een uiterste. Geen ego is het uiterste van het zijn-ten-dode, en een ego heb je nodig om actief in-de-wereld te zijn. Een ego (existentiaal opgevat) betekent echter totaal niet dat je je egoïstisch (existentiëel opgevat) hoeft te gedragen. Dit staat totaal los van elkaar.
Tijdens dit leven ken ik mijzelf als in het zijn-ten-dode als mijn oorspronkelijke, hele zelf. Door op te gaan in wereldse bezigheden, door op te gaan in het men, verlies ik mijzelf in de alledaagsheid. Dit kan je tevreden maken maar lijkt niet gelukkig te maken (meer Boeddhistische interpretatie). Als ziel/bewustzijn/erzijn/dasein loop ‘ik’ een proces door die tussen zijn-ten-dode in meer eigenlijke, meditatieve, egoloze, passieve toestand verkeerd en het leven, meer oneigenlijk, opgaand in de alledaagsheid van het men, egoïstische (existentiaal opgevat), actieve toestand. Ik zag in dat het zijn-ten-dode niet het dood zijn betekent zoals in de alledaagse uitleg van bijvoorbeeld het atheïsme. Ik had voor mijzelf duidelijk en zeker dat er leven is na de dood in de vorm van reïncarnatie als ik verder zou willen leven en weer in-de-wereld zou willen zijn. Zo niet, dan kun je als erzijn ook blijven bestaan als zijn-ten-dode. Deze duidelijkheid bracht mij veel vreugde.
Ook de overgang met tijdelijkheid werd mij hierdoor snel duidelijk. Dit is ook een overgang die in het boek zelf wordt gemaakt (Zijn én Tijd, als zijn in tijd). Tijd is de mogelijkheidsvoorwaarde van het zijn. De oorspronkelijke tijdelijkheid kan worden beschreven als gewezende-tegenwoordigende toekomst (existentiaal opgevat). Hierin ligt niet de gewezenheid voor de tegenwoordigheid, of de toekomst na de gewezenheid, enzovoorts, zoals in het alledaagse tijdbegrip. Heidegger laat zien dat het alledaagse, intuïtieve, vulgaire tijdsbegrip afgeleid is van de oorspronkelijke tijdelijkheid. Oorspronkelijk versta je je eindige mogelijkheden, eindig vanwege de zekerheid van de dood, met het oog op jezelf terugvinden uit de gewezenheid. Op deze wijze tegenwoordig je dus je gewezende toekomst. Existentiaal zijn deze drie extasen (gewezenheid, tegenwoordigheid, toekomst) gelijkoorspronkelijk, terwijl existentiëel in het alledaagse opgaan in het men de grootste waarde gehecht wordt aan het ‘nu’ als afgeleide modus van de tegenwoordigheid. In het vulgaire tijdsbegrip is het inderdaad nu, maar als we de tijdelijkheid niet als simpelweg voorhanden nu-momenten beschouwen, kun je inzien dat juist in het nu de gewezende toekomst van belang zijn. Het verstaan van je mogelijkheden wortelt primair in de toekomst. De bevindelijkheid in de zin van je emoties wortelt primair in de gewezenheid. Juist het oneigenlijk vervallen, het opgaan in het alledaagse men, wortelt primair in de tegenwoordigheid. ‘Nu’ is het belangrijkste moment, maar enkel in het vulgaire tijdsbegrip. Maar zelfs dan, moet alles ‘nu’? Kan niets wachten tot later of beter tot het verleden behoren. De huidige maatschappij lijkt erg gefocused op het nu tegenwoordigen van wat wij willen, maar hieruit blijkt ook een bepaalde ongeduldigheid, van, laten we zeggen, de consumptiemaatschappij.
In dit alles kwam ook de rest van de filosofie van Heidegger in het grootste eureka-moment dat ik ooit heb gehad tot mij. Het kwam alsof ik het zelf vanbinnen ontwikkelde. Uiteraard had ik het recent gelezen en kwam het niet als vanzelf maar ik vond het erg bijzonder hoe juist op een hoge dosis LSD dan ineens het muntje zo kan vallen. Om het report enigszins in te perken en nog leesbaar te houden zie ik er vanaf om hierover ook nog in detail te treden.
Tijdens deze ervaring zat er ook in mijn achterhoofd wat ik wil op het vlak van daten, relatie en jongens over het algemeen. Er zijn twee jongens specifiek die ik leuk vind, die ik hier A. en P. noem, kort voor actief en passief en niet hun echte namen. Ik wist A. en P. volledig te plaatsen binnen de ontologische filosofie van Heidegger. A. is dus wat actiever en P. wat passiever. A. lijkt van iedereen die ik ken het verhaal over het (existentiaal) ego nodig hebben om te leven (maar niet existentiëel egoïstisch te zijn) het best te snappen. Voor de meeste mensen lijkt het toch een soort van ideaal om een zo klein mogelijk ego (existentiaal opgevat) te hebben, of zij zijn juist pure egoïsten (existentiëel opgevat). Ik zag voor mij hoe A. primair wortelt in de toekomst. Achteraf zie ik in hoe de A. die in mijn hoofd zat eigenlijk totaal een geidealiseerd beeld was van de ‘echte’ A.. Er leek niemand te zijn die zo totaal de plank raak sloeg in de omgang met mensen. Dit omdat ik me voor kon stellen hoe A. mensen die zich belachelijk gedragen, in de zin van egoïstisch, kinderachtig, emotioneel chantabel, et cetera, op de perfecte manier op zijn plaats zou zetten. De ‘echte’ A. is erg grappig maar ook best luidruchtig en wordt door sommigen als een lul gezien. Echter, ik kon mij ook voorstellen dat A. deze grappige luidruchtigheid ook zou kunnen gebruiken tegen mensen die hij misschien niet heel goed begrijpt. Denk aan mensen van hele andere culturen. Zo zag ik ook in hoe A., in de jaren ’30 in Duitsland, mogelijk weinig begrip voor het Joodse volk op zou kunnen brengen. Nogmaals, de A. in mijn hoofd was een geidealiseerd beeld van de ‘echte’ A.. Nou vond ik dit met name interessant omdat ik ooit gelezen heb dat Heidegger een actief lid was van de NSDAP, de partij van Adolf Hitler. Dit heb ik nooit begrepen van een zo groot filosoof, dat je dan ethisch zo achterblijft. Maar nu de filosofie van Heidegger, die volledig losstaat van het Nazisme, als authentiek tot mij kwam via A., kon ik ineens snappen hoe deze geidealiseerde A. best sympathie voor Hitler zou kunnen hebben. Het was alsof de echte Heidegger als in een visioen tot mij sprak via A.
In P. daarentegen zag ik eerder passiviteit en ik zag ik hoe hij primair gewortelt was in de gewezenheid. In P. vond ik eerder het eigenlijke kunnen-zijn door de mogelijkheden te ontwerpen op de gewezenheid, in Heideggertaal. Echter, P. zou misschien wat een relatie betreft te saai voor mij zijn, alhoewel ik hem wel leuker vind dan A., die daarentegen soms best wel een idioot kan zijn, op een goede manier. In mijn hoofd ontwikkelde zich een hele omgang in Heideggertaal tussen mij, A. en P.. Alsof er als het ware bijna een driehoeksrelatie ontstond. Ik zou een gesloten relatie krijgen met P., en met A. zou ik vrienden blijven en samen zou het altijd super leuk zijn. Deze gedachten kwamen als vanzelf, ik forceerde niets, maar ‘ik’ legde A. en P. ook allemaal karaktereigenschappen, tekst en gedrag op, die misschien voor mij in te beelden waren, maar die niet echt aan hun verbonden zijn. Het was alsof ik creëerde maar ook forceerde binnen het framework van Heidegger. En daar nog bij, twee leuke jongen hoeven heus niet binnen de ontologie van Heidegger te passen omdat dat niet direct is waar de ontologie betrekking op heeft.
Hierna ontwikkelde de filosofie van Heidegger zich verder in mijn hoofd en het hele werk Zijn en Tijd kwam tot in de details oorspronkelijk tot mij. Dit ging gepaard met een bijna psychotische toestand van mijn kant omdat ik letterlijk alles binnen deze filosofie forceerde in mijn hoofd. Deze filosofie is heel ruim en lijkt ook de wortels te geven voor ‘alles’ maar de persoonlijke alledaagse omgang van vrienden hierin plaatsen lijkt wat ongepast. Tijdens het ontwikkelen van de filosofie zat ik overgestimuleerd connecties te leggen en te janken van het lachen om de bijbehorende existentiale grappen die ik maakte. Ik heb ooit iets gelezen in de trant van: ‘de meesten vinden Heidegger onleesbaar maar liefhebber zien zijn taalgebruik als poëtisch’. Tijdens deze ervaring kon ik me hier volledig in vinden want ik was haast verliefd op zijn taalgebruik. Vergelijk: “De tijdelijkheid tijdigt zich in elke extase volledig, dat wil zeggen dat de heelheid van het structuurgeheel van existentie, facititeit en vervallen, met andere woorden de eenheid van de zorg-structuur, wortelt in de extatische eenheid van de telkens volledige tijdiging van de tijdelijkheid” [p. 350, zevende druk, vertaald]. Tijdens deze fase van de trip gingen mijn gedachten ook echt op deze manier. Het leek een vlaag van genialiteit die uit het niets kwam. Het was alsof wat ik in anderhalve maand niet volledig met lezen kon bereiken zich wel opdrong door de dubbele dosering LSD.
Toen ik hierna naar het toilet ging had ik geen idee hoe laat het zou zijn, mijn gevoel voor tijd leek volledig weg, maar er leek heel veel tijd voorbij gegaan te zijn. Het bleek maar drie uur na inname te zijn. Hierna ging ik nog even flink door Heideggeren tot ongeveer T+4 of T+5 ongeveer. Op dat punt was ik nog volledig overgestimuleerd door de LSD maar ook mentaal oververmoeid door de veelheid en complexiteit van alle gedachten. Ik ben maar gewoon in bed gaan liggen en heb mezelf een soort van gesloten voor verdere gedachten, het kon er eigenlijk gewoon even niet meer in. Het was als een soort van meditatie alhoewel echt mediteren niet wilde lukken door de overgestimuleerdheid. Het vreemde was dat ik op T+3 of T+4 ongeveer ook eigenlijk zoiets had van, ik ben over de piek heen, maar achteraf kwam dat meer door de vermoeidheid want de LSD was nog in volle werking.
Op T+9 moest ik nog naar de supermarkt om iets voor het avondeten te gaan halen. Op dat moment merkte ik hoedanig ik onder invloed was. Het kon zeg maar nog net, de manier hoe ik in de supermarkt stond. Ik was gewoon te vaag en wist totaal niet hoe ik me normaal moest gedragen in een plaats als de supermarkt. Ook zag iedereen er zo raar en simpel en debiel uit maar dat zou de LSD geweest kunnen zijn. Mogelijk zagen veel mensen er ook echt simpel en debiel uit (vaak in de AH waar ik kom haha) maar versterkte de LSD dat nog heel erg. Op dit moment was ik ook heel blij dat ik deze dosering LSD niet samen gedaan had, want ik zou met zo een trip het echt niet aan hebben gekund om ook nog rekening te houden met een ander.
Na het avondeten ontnuchterde ik langzaamaan en ben ik wat op mijn telefoon gaan lezen over filosofie en LSD. Ik las onder andere dit verhaal [http://csp.org/nicholas/A5.html]. Deze ervaring was veel heftiger en deze persoon lijkt ook naar mijn mening zich makkelijk mee te laten sleuren door een dergelijke ervaring. Toch zag ik enkele overeenkomsten met mijn trip en ben er toch enigszins door geschrokken. Deze ervaring was sowieso de meest geslaagde en interessante trip die ik ooit heb gehad en misschien wel de meest memorabele dag van mijn leven, alhoewel dat een paar dagen later niet te zeggen valt. Maar wat nou als ik tijdens mij ego-oplossing angst had ervaring en de ervaring om was geslagen naar een mindere ervaring? Uiteraard had ik het kunnen counteren met benzo’s maar eerlijk gezegd denk ik niet dat ik benzo’s snel als oplossing zou gebruiken bij een mindere trip omdat juist de moeilijkere trip het meest leerzaam zijn. Als deze trip nou van begin af aan moeilijker of angstiger was geweest zie ik best in hoe het bijna psychotische om kan slaan in mentaal hele nare ervaringen die een negatieve uitwerking kunnen hebben. Aan de andere kant vraag ik mij af, is dit iets wat mij zou kunnen gebeuren? Ik weet het niet, ik wil ook zeker door blijven trippen maar misschien wel iets voorzichtiger zijn de komende maanden met dit soort hoger doseringen. Van ervaren trippers ben ik best benieuwd naar jullie mening hierover.
Op ongeveer T+12 kon ik weer zeggen dat ik nuchter was. De hele avond was er nog wel een naflow maar op ongeveer T+15 ben ik gaan slapen en de volgende morgen werd ik fris en fruitig wakker. Ik heb een uur gebeld met een goede vriend van me die veel aan meditatie ook doet en dat vond ik ook wel verhelderend. Ik heb de dagen na de trip gemerkt dat ik mentaal gewoon heel stabiel ben, zoals ik dat normaal ook ben en ik was blij dat de vaagheid zoals in de Albert Heijn de dag ervoor volledig weg was. Ook de dagen na de trip voel ik me nog steeds extra goed en ik ben dankbaar voor deze mooie ervaring. Ik ben nog steeds bezig met Heidegger en ik beschouw hem nu als de beste filosoof die ik ooit tot me heb genomen.
Als een soort van P.S. nog: wat de visuals betreft, die waren ook enorm aanwezig, zodanig dat ik door de open eye visuals op een bepaald moment amper nog kon zien wat wel 'echt' was. Doordat de ervaring zich voornamelijk filosofisch en spiritueel uitte heb ik me hier echter amper op gericht. Toen ik naar de supermarkt ging op T+9 merkte ik ook nog op hoe sterk de visuals nog aanwezig waren. Eerder in de trip zag ik vrijwel overal regenboogpatronen en random regenbogen die ontstonden op willekeurige plekken. Ik vond dit een erg grappige visual aangezien ik nog nooit heb gehad dat visuals zich juist steeds op zo een typische manier uiten.
“You can make everything what you want with your head”
Bedankt voor het lezen!
Wie: Ik, alleen.
Wat: 2 zegels 1P-LSD van 125 μg per stuk.
Waar: In het huis van mijn moeder, binnen.
Wanneer: Afgelopen zaterdag.
Relevante ervaring: Ruime ervaring met 2C’tjes, 1 keer ‘echte LSD’, 2 keer psilo, 4 keer 1P-LSD vanaf juni, was voor mij niet te onderscheiden van ‘echte’ LSD.
Voordat ik begin, deze trip zie ik als een spirituele en filosofische doorbraak voor mijzelf. Ik denk dat ik dit zie als een van de belangrijkste ervaringen die ik ooit gehad heb. Ik denk dat het ook het dichtste is dat ik ooit bij een psychotische ervaring ben gekomen. Het report is, door de materie waar het op slaat lang en jammer genoeg vrij onleesbaar. Omdat deze ervaring zo belangrijk voor mij is heb ik er toch een report over geschreven.
Mijn laatste volwaardige trip (op een volle dosis) was in juni. Deze zomervakantie zou ik bijna twee maanden volledig vrij zijn, ook geen werk, na een druk jaar. Ik ben van mijzelf erg geïnteresseerd in filosofie dus ik had wel een vakantieprojectje op me genomen: het lezen van Zijn en Tijd van Martin Heidegger, bekend als een van de moeilijkste boeken die er bestaan maar tegelijkertijd misschien wel het grootste filosofische werk sinds 1900. Het boek stelt de zijnsvraag, wat ‘is’ zijn en hoe hangt dat samen met de tijdelijkheid. Zoals misschien duidelijk zal zijn is dit een vraag die niet eenvoudig te beantwoorden is en de taal lijkt de woorden en zelfs de grammatica te missen om deze vraag goed te beantwoorden. Het boek komt met antwoorden op vragen als wat waarheid is, realisme versus idealisme, wat zijn is, wat tijd is door de existentie van het erzijn (ofwel dasein ofwel bewustzijn) te analyseren. Omdat het ‘mijn’ eigen bestaan ofwel existentie analyseert zou je Heidegger een grondlegger van het existentialisme kunnen noemen. De uiteindelijke uitkomsten hebben betrekking op de onderliggende zijnsgrond (existentialen, ontologisch) en hebben geen betrekking op wat zich meer direct als zijn lijkt voor te doen aan onze waarneming (existentiëel, ontisch).
Tot dusver de introductie in het boek van Heidegger. Ik probeer in dit report te vermijden te veel specifieke details over Heidegger te geven, omdat dit niet goed samen te vatten is en omdat ik een trip report en geen filosofische verhandeling schrijf. Wel heeft dit boek een enorme invloed gehad op mijn trip en daardoor is enige introductie noodzakelijk. Ik heb dit boek aandachtig gelezen gedurende de zomer, wat behoorlijk wat tijd in beslag nam vanwege de moeilijkheidsgraad, en ik snapte de ideeën wel, maar tot een vol begrip kwam het niet. Een ‘vol begrip’ zie ik als de ideeën snappen alsof deze oorspronkelijk van jezelf zijn gekomen of gekomen hadden kunnen zijn. Het is van belang om in te zien dat ik eigen gedachten, gelezen stof van Heidegger, en elementen uit de trip combineer. In principe schrijft iedereen op deze wijze maar het is kan dus zijn dat dit erg door elkaar loopt.
Zaterdagochtend vroeg nam ik de dubbele dosering, de twee zegels, onder mijn tong, zodat de trip de hele dag in beslag zou nemen maar ik hopelijk wel weer op een normaal tijdstip zou kunnen slapen. Vanwege de hoge dosering kwamen de effecten behoorlijk snel opzetten: al na 20 minuten kon ik duidelijk een verandering van bewustzijn merken. Na 30 minuten slikte in de zegels door, mede omdat de speekselconsumptie door de zegels mij wat misselijk maakte. Na 45 minuten waren de effecten al zodanig aanwezig dat ik al echt aan het trippen was. Uiteraard bouwden de effecten daarna nog flink uit tot de piek na 90-120 minuten. Op dit punt was ik niet meer in staat de klok in de gaten te houden dus ik kan niet zeggen wanneer de piek precies was.
Toen de effecten uitbouwden werd de verandering van bewustzijn maar ook de bodyload zodanig dat ik vrij snel mijn lichaam niet meer onder controle had en amper nog kon bewegen, eigenlijk alleen als ik dat echt probeerde te forceren. Dit soort dingen had ik verwacht en dit is ook de reden dat ik deze dosis thuis en alleen heb gedaan. Vanwege deze werking ben ik op bed gaan liggen en heb ik rustige, redelijk psychedelische rock op gezet en daarna ambient. Dat ik mijn lichaam niet meer onder controle had bouwde uit tot een ego-oplossing. Ik voelde ‘mij’ binnen mijn lichaam steeds kleiner worden. Dit merkte ik doordat mijn kamer, en ook mijn lichaam steeds groter werden, alsof ik langzaamaan een insect werd dat nog in mijn lichaam zat. Iets later trad ik als bewustzijn zelfs uit mijn lichaam. ‘Mijn’ ego was weg, en ‘ik’ was in de kamer een geworden met de omgeving. Er was geen ‘ik’ of ‘mijn’ op dat punt meer, die was er enkel geweest. Ik heb eerder ervaringen gehad die ik als ego-oplossing of egodeath zou beschrijven maar nooit zo direct, nadrukkelijk en overduidelijk.
Door deze ervaring ging ik nadenken over de toestand waar ik in leefde, ik ‘was’ nog steeds, maar wel alsof mijn lichaam en mijn ik ‘dood’ waren. Door meditatie was ik op mijn eigenlijke hele zelf teruggeroepen, of, in Heidegger bewoordingen in de modus van zijn-ten-dode, wat geen dood zijn is. Ook dit was een zijn, net zoals het alledaagse leven dat is. De enige manier waarop dit mogelijk is, is door het ego los te laten. Voordat ik deze ego-oplossing bereikt heb, heb ik eigenlijk alles wat ‘ik’ ‘had’ los moeten laten en me totaal moeten overgeven aan wat er ging gebeuren. Ik wist dat mijn lichaam niet dood was, maar in deze modus liep ik vooruit op het zijn-ten-dode (existentiaal opgevat). Om later weer actiever te worden wist ik dat ik weer een ego (existentiaal opgevat) zou moeten oppakken om weer actief in-de-wereld te zijn. Het ideaal van totaal geen ego is niet iets wat je tijdens het leven kunt bereiken en het valt zelfs te betwisten of mijn ervaring een ‘totale’ ego-oplossing was. Het is al een uiterste. Geen ego is het uiterste van het zijn-ten-dode, en een ego heb je nodig om actief in-de-wereld te zijn. Een ego (existentiaal opgevat) betekent echter totaal niet dat je je egoïstisch (existentiëel opgevat) hoeft te gedragen. Dit staat totaal los van elkaar.
Tijdens dit leven ken ik mijzelf als in het zijn-ten-dode als mijn oorspronkelijke, hele zelf. Door op te gaan in wereldse bezigheden, door op te gaan in het men, verlies ik mijzelf in de alledaagsheid. Dit kan je tevreden maken maar lijkt niet gelukkig te maken (meer Boeddhistische interpretatie). Als ziel/bewustzijn/erzijn/dasein loop ‘ik’ een proces door die tussen zijn-ten-dode in meer eigenlijke, meditatieve, egoloze, passieve toestand verkeerd en het leven, meer oneigenlijk, opgaand in de alledaagsheid van het men, egoïstische (existentiaal opgevat), actieve toestand. Ik zag in dat het zijn-ten-dode niet het dood zijn betekent zoals in de alledaagse uitleg van bijvoorbeeld het atheïsme. Ik had voor mijzelf duidelijk en zeker dat er leven is na de dood in de vorm van reïncarnatie als ik verder zou willen leven en weer in-de-wereld zou willen zijn. Zo niet, dan kun je als erzijn ook blijven bestaan als zijn-ten-dode. Deze duidelijkheid bracht mij veel vreugde.
Ook de overgang met tijdelijkheid werd mij hierdoor snel duidelijk. Dit is ook een overgang die in het boek zelf wordt gemaakt (Zijn én Tijd, als zijn in tijd). Tijd is de mogelijkheidsvoorwaarde van het zijn. De oorspronkelijke tijdelijkheid kan worden beschreven als gewezende-tegenwoordigende toekomst (existentiaal opgevat). Hierin ligt niet de gewezenheid voor de tegenwoordigheid, of de toekomst na de gewezenheid, enzovoorts, zoals in het alledaagse tijdbegrip. Heidegger laat zien dat het alledaagse, intuïtieve, vulgaire tijdsbegrip afgeleid is van de oorspronkelijke tijdelijkheid. Oorspronkelijk versta je je eindige mogelijkheden, eindig vanwege de zekerheid van de dood, met het oog op jezelf terugvinden uit de gewezenheid. Op deze wijze tegenwoordig je dus je gewezende toekomst. Existentiaal zijn deze drie extasen (gewezenheid, tegenwoordigheid, toekomst) gelijkoorspronkelijk, terwijl existentiëel in het alledaagse opgaan in het men de grootste waarde gehecht wordt aan het ‘nu’ als afgeleide modus van de tegenwoordigheid. In het vulgaire tijdsbegrip is het inderdaad nu, maar als we de tijdelijkheid niet als simpelweg voorhanden nu-momenten beschouwen, kun je inzien dat juist in het nu de gewezende toekomst van belang zijn. Het verstaan van je mogelijkheden wortelt primair in de toekomst. De bevindelijkheid in de zin van je emoties wortelt primair in de gewezenheid. Juist het oneigenlijk vervallen, het opgaan in het alledaagse men, wortelt primair in de tegenwoordigheid. ‘Nu’ is het belangrijkste moment, maar enkel in het vulgaire tijdsbegrip. Maar zelfs dan, moet alles ‘nu’? Kan niets wachten tot later of beter tot het verleden behoren. De huidige maatschappij lijkt erg gefocused op het nu tegenwoordigen van wat wij willen, maar hieruit blijkt ook een bepaalde ongeduldigheid, van, laten we zeggen, de consumptiemaatschappij.
In dit alles kwam ook de rest van de filosofie van Heidegger in het grootste eureka-moment dat ik ooit heb gehad tot mij. Het kwam alsof ik het zelf vanbinnen ontwikkelde. Uiteraard had ik het recent gelezen en kwam het niet als vanzelf maar ik vond het erg bijzonder hoe juist op een hoge dosis LSD dan ineens het muntje zo kan vallen. Om het report enigszins in te perken en nog leesbaar te houden zie ik er vanaf om hierover ook nog in detail te treden.
Tijdens deze ervaring zat er ook in mijn achterhoofd wat ik wil op het vlak van daten, relatie en jongens over het algemeen. Er zijn twee jongens specifiek die ik leuk vind, die ik hier A. en P. noem, kort voor actief en passief en niet hun echte namen. Ik wist A. en P. volledig te plaatsen binnen de ontologische filosofie van Heidegger. A. is dus wat actiever en P. wat passiever. A. lijkt van iedereen die ik ken het verhaal over het (existentiaal) ego nodig hebben om te leven (maar niet existentiëel egoïstisch te zijn) het best te snappen. Voor de meeste mensen lijkt het toch een soort van ideaal om een zo klein mogelijk ego (existentiaal opgevat) te hebben, of zij zijn juist pure egoïsten (existentiëel opgevat). Ik zag voor mij hoe A. primair wortelt in de toekomst. Achteraf zie ik in hoe de A. die in mijn hoofd zat eigenlijk totaal een geidealiseerd beeld was van de ‘echte’ A.. Er leek niemand te zijn die zo totaal de plank raak sloeg in de omgang met mensen. Dit omdat ik me voor kon stellen hoe A. mensen die zich belachelijk gedragen, in de zin van egoïstisch, kinderachtig, emotioneel chantabel, et cetera, op de perfecte manier op zijn plaats zou zetten. De ‘echte’ A. is erg grappig maar ook best luidruchtig en wordt door sommigen als een lul gezien. Echter, ik kon mij ook voorstellen dat A. deze grappige luidruchtigheid ook zou kunnen gebruiken tegen mensen die hij misschien niet heel goed begrijpt. Denk aan mensen van hele andere culturen. Zo zag ik ook in hoe A., in de jaren ’30 in Duitsland, mogelijk weinig begrip voor het Joodse volk op zou kunnen brengen. Nogmaals, de A. in mijn hoofd was een geidealiseerd beeld van de ‘echte’ A.. Nou vond ik dit met name interessant omdat ik ooit gelezen heb dat Heidegger een actief lid was van de NSDAP, de partij van Adolf Hitler. Dit heb ik nooit begrepen van een zo groot filosoof, dat je dan ethisch zo achterblijft. Maar nu de filosofie van Heidegger, die volledig losstaat van het Nazisme, als authentiek tot mij kwam via A., kon ik ineens snappen hoe deze geidealiseerde A. best sympathie voor Hitler zou kunnen hebben. Het was alsof de echte Heidegger als in een visioen tot mij sprak via A.
In P. daarentegen zag ik eerder passiviteit en ik zag ik hoe hij primair gewortelt was in de gewezenheid. In P. vond ik eerder het eigenlijke kunnen-zijn door de mogelijkheden te ontwerpen op de gewezenheid, in Heideggertaal. Echter, P. zou misschien wat een relatie betreft te saai voor mij zijn, alhoewel ik hem wel leuker vind dan A., die daarentegen soms best wel een idioot kan zijn, op een goede manier. In mijn hoofd ontwikkelde zich een hele omgang in Heideggertaal tussen mij, A. en P.. Alsof er als het ware bijna een driehoeksrelatie ontstond. Ik zou een gesloten relatie krijgen met P., en met A. zou ik vrienden blijven en samen zou het altijd super leuk zijn. Deze gedachten kwamen als vanzelf, ik forceerde niets, maar ‘ik’ legde A. en P. ook allemaal karaktereigenschappen, tekst en gedrag op, die misschien voor mij in te beelden waren, maar die niet echt aan hun verbonden zijn. Het was alsof ik creëerde maar ook forceerde binnen het framework van Heidegger. En daar nog bij, twee leuke jongen hoeven heus niet binnen de ontologie van Heidegger te passen omdat dat niet direct is waar de ontologie betrekking op heeft.
Hierna ontwikkelde de filosofie van Heidegger zich verder in mijn hoofd en het hele werk Zijn en Tijd kwam tot in de details oorspronkelijk tot mij. Dit ging gepaard met een bijna psychotische toestand van mijn kant omdat ik letterlijk alles binnen deze filosofie forceerde in mijn hoofd. Deze filosofie is heel ruim en lijkt ook de wortels te geven voor ‘alles’ maar de persoonlijke alledaagse omgang van vrienden hierin plaatsen lijkt wat ongepast. Tijdens het ontwikkelen van de filosofie zat ik overgestimuleerd connecties te leggen en te janken van het lachen om de bijbehorende existentiale grappen die ik maakte. Ik heb ooit iets gelezen in de trant van: ‘de meesten vinden Heidegger onleesbaar maar liefhebber zien zijn taalgebruik als poëtisch’. Tijdens deze ervaring kon ik me hier volledig in vinden want ik was haast verliefd op zijn taalgebruik. Vergelijk: “De tijdelijkheid tijdigt zich in elke extase volledig, dat wil zeggen dat de heelheid van het structuurgeheel van existentie, facititeit en vervallen, met andere woorden de eenheid van de zorg-structuur, wortelt in de extatische eenheid van de telkens volledige tijdiging van de tijdelijkheid” [p. 350, zevende druk, vertaald]. Tijdens deze fase van de trip gingen mijn gedachten ook echt op deze manier. Het leek een vlaag van genialiteit die uit het niets kwam. Het was alsof wat ik in anderhalve maand niet volledig met lezen kon bereiken zich wel opdrong door de dubbele dosering LSD.
Toen ik hierna naar het toilet ging had ik geen idee hoe laat het zou zijn, mijn gevoel voor tijd leek volledig weg, maar er leek heel veel tijd voorbij gegaan te zijn. Het bleek maar drie uur na inname te zijn. Hierna ging ik nog even flink door Heideggeren tot ongeveer T+4 of T+5 ongeveer. Op dat punt was ik nog volledig overgestimuleerd door de LSD maar ook mentaal oververmoeid door de veelheid en complexiteit van alle gedachten. Ik ben maar gewoon in bed gaan liggen en heb mezelf een soort van gesloten voor verdere gedachten, het kon er eigenlijk gewoon even niet meer in. Het was als een soort van meditatie alhoewel echt mediteren niet wilde lukken door de overgestimuleerdheid. Het vreemde was dat ik op T+3 of T+4 ongeveer ook eigenlijk zoiets had van, ik ben over de piek heen, maar achteraf kwam dat meer door de vermoeidheid want de LSD was nog in volle werking.
Op T+9 moest ik nog naar de supermarkt om iets voor het avondeten te gaan halen. Op dat moment merkte ik hoedanig ik onder invloed was. Het kon zeg maar nog net, de manier hoe ik in de supermarkt stond. Ik was gewoon te vaag en wist totaal niet hoe ik me normaal moest gedragen in een plaats als de supermarkt. Ook zag iedereen er zo raar en simpel en debiel uit maar dat zou de LSD geweest kunnen zijn. Mogelijk zagen veel mensen er ook echt simpel en debiel uit (vaak in de AH waar ik kom haha) maar versterkte de LSD dat nog heel erg. Op dit moment was ik ook heel blij dat ik deze dosering LSD niet samen gedaan had, want ik zou met zo een trip het echt niet aan hebben gekund om ook nog rekening te houden met een ander.
Na het avondeten ontnuchterde ik langzaamaan en ben ik wat op mijn telefoon gaan lezen over filosofie en LSD. Ik las onder andere dit verhaal [http://csp.org/nicholas/A5.html]. Deze ervaring was veel heftiger en deze persoon lijkt ook naar mijn mening zich makkelijk mee te laten sleuren door een dergelijke ervaring. Toch zag ik enkele overeenkomsten met mijn trip en ben er toch enigszins door geschrokken. Deze ervaring was sowieso de meest geslaagde en interessante trip die ik ooit heb gehad en misschien wel de meest memorabele dag van mijn leven, alhoewel dat een paar dagen later niet te zeggen valt. Maar wat nou als ik tijdens mij ego-oplossing angst had ervaring en de ervaring om was geslagen naar een mindere ervaring? Uiteraard had ik het kunnen counteren met benzo’s maar eerlijk gezegd denk ik niet dat ik benzo’s snel als oplossing zou gebruiken bij een mindere trip omdat juist de moeilijkere trip het meest leerzaam zijn. Als deze trip nou van begin af aan moeilijker of angstiger was geweest zie ik best in hoe het bijna psychotische om kan slaan in mentaal hele nare ervaringen die een negatieve uitwerking kunnen hebben. Aan de andere kant vraag ik mij af, is dit iets wat mij zou kunnen gebeuren? Ik weet het niet, ik wil ook zeker door blijven trippen maar misschien wel iets voorzichtiger zijn de komende maanden met dit soort hoger doseringen. Van ervaren trippers ben ik best benieuwd naar jullie mening hierover.
Op ongeveer T+12 kon ik weer zeggen dat ik nuchter was. De hele avond was er nog wel een naflow maar op ongeveer T+15 ben ik gaan slapen en de volgende morgen werd ik fris en fruitig wakker. Ik heb een uur gebeld met een goede vriend van me die veel aan meditatie ook doet en dat vond ik ook wel verhelderend. Ik heb de dagen na de trip gemerkt dat ik mentaal gewoon heel stabiel ben, zoals ik dat normaal ook ben en ik was blij dat de vaagheid zoals in de Albert Heijn de dag ervoor volledig weg was. Ook de dagen na de trip voel ik me nog steeds extra goed en ik ben dankbaar voor deze mooie ervaring. Ik ben nog steeds bezig met Heidegger en ik beschouw hem nu als de beste filosoof die ik ooit tot me heb genomen.
Als een soort van P.S. nog: wat de visuals betreft, die waren ook enorm aanwezig, zodanig dat ik door de open eye visuals op een bepaald moment amper nog kon zien wat wel 'echt' was. Doordat de ervaring zich voornamelijk filosofisch en spiritueel uitte heb ik me hier echter amper op gericht. Toen ik naar de supermarkt ging op T+9 merkte ik ook nog op hoe sterk de visuals nog aanwezig waren. Eerder in de trip zag ik vrijwel overal regenboogpatronen en random regenbogen die ontstonden op willekeurige plekken. Ik vond dit een erg grappige visual aangezien ik nog nooit heb gehad dat visuals zich juist steeds op zo een typische manier uiten.
“You can make everything what you want with your head”
Bedankt voor het lezen!
