Ze schreeuwen, drinken, roken en vechten
Amsterdam is bezopen Britten spuugzat
Door: Kemal Rijken
Gepubliceerd: maandag 29 oktober 2007 22:53
Update: dinsdag 30 oktober 2007 07:12
Britse toeristen vormen een grote inkomstenbron voor Amsterdam, maar er zijn groepen die voor flinke overlast zorgen. Ze kennen geen grenzen. ‘Hier in Amsterdam mogen we alles doen wat we maar willen.’ Ondertussen treffen ondernemers maatregelen. We zijn hier gewoon om lol te hebben en feest te vieren’, zegt Steve Johnson.
De 18-jarige Engelsman uit Birmingham staat op de hoek van de Warmoesstraat en de Zeedijk met een joint in zijn rechterhand. Zijn ogen dwalen af naar twee jonge vrouwen die in minirok en op hoge naaldhakken voorbij lopen. Het is aan het einde van zaterdagmiddag en de avond is nog jong.
Steve is met zijn vrienden Dave, Harry, Jim en Mark voor een kort weekend in Amsterdam. Het vijftal ziet er uit als een typische groep male vertical drinkers (mvd’s): gemillimeterd haar, gouden kettingen, oorbellen, voetbalshirts, trainingsbroeken en witte sportschoenen. Met goedkope tickets vlogen ze naar Amsterdam. ‘Voor tien pond per persoon met Easyjet. Goedkopere tickets konden we niet krijgen’, benadrukt Steve.
De gezichten van de jongens zien lijkbleek. In één dag hebben ze wel tien coffeeshops van binnen gezien. Steve: ‘Het liefst roken we wiet en drinken we bier tegelijk. Maar in de coffeeshops kan dat niet. Daarom staan we nu op straat.’
Naast Steve staat Dave (1

, een twee meter lange bonenstaak. In zijn rechterhand houdt hij een blik bier van een halve liter vast, tussen zijn lippen hangt een dikke joint. Dave inhaleert diep, houdt de rook in en laat deze langzaam uit zijn mond komen. Hij pakt de joint weg en stuurt met zijn rechterarm het blikje bier naar zijn mond. Die drinkt hij helemaal leeg. ‘Ik kan wel tegen een stootje hoor!’
Intussen fietsen er twee politieagenten voorbij. Een van hen werpt een blik op de Engelse jongens maar fietst rustig door. Zijn collega kijkt de andere kant uit. Als de agenten uit het zicht zijn, zegt Steve: ‘Hier in Amsterdam mogen we alles doen wat we maar willen.’
Vorig jaar was twintig procent van de 4,7 miljoen toeristen in de hoofdstad van Britse afkomst. Ze vormen een onmisbare inkomstenbron voor de Amsterdamse toeristenindustrie. Het aantal Britse toeristen is nog nooit zo groot geweest. Dat komt onder andere door de prijsvechters in de luchtvaart.
Braken aan de bar
De Britse bezoekers die overlast veroorzaken, komen vaak met groepen van vijf of meer mannen naar Amsterdam. Ze worden ook wel male vertical drinkers genoemd omdat ze man zijn, veel alcohol drinken en daarbij rechtop zouden staan. Ook komen er veel om hun vrijgezellenfeest te houden. Het merendeel van de mvd’s is jonger dan dertig jaar, lager opgeleid en heeft weinig geld te besteden op vakantie. De budgetaccommodaties in Amsterdam hebben weinig redenen tot klagen: vorig jaar steeg het aantal overnachtingen met 15 procent.
Steve en zijn vrienden zijn niet in Amsterdam vanwege een vrijgezellenfeest. ‘Trouwen? Daar moeten we nog niet aan denken’, zegt Steve. Wel verblijven ze voor dertig euro per persoon per nacht in een goedkoop budgethotel aan de Leidsekade.
Als het laatste jointje opgerookt is, loopt het groepje de Warmoesstraat in. Uit het eerste café tettert het lawaai van een Engelse voetbalwedstrijd. Het geluid trekt de jongens als magneten naar binnen. Steve: ‘Vanavond speelt Manchester United tegen Wigan Athletic.’
Geconcentreerde zombies
Aan de bar bestellen de jongens vijf halve liters bier. Steve beweert dat dit glas zijn negende vandaag is, de anderen hebben nog meer gedronken. Als geconcentreerde zombies bekijken de vrienden de wedstrijd op een groot scherm. In de eerste helft presteren ze het om vijftien grote glazen bier te drinken. In de rust stapt de lange Dave van zijn kruk. Wankel loopt hij in de richting van de toiletten. Na vijf stappen botst hij tegen een tafelpoot. Hij valt voorover en braakt de vloer helemaal onder. Een van de bardames loopt naar Dave om de zure derrie op te ruimen. Steve en de anderen komen niet meer bij van het lachen.
Britse groepjes kunnen voor veel overlast zorgen. Ze schreeuwen, drinken, roken, vechten en snuiven zelfs. Het begint meestal met een practical joke en eindigt vaak in een uit de hand gelopen situatie. Dat ondervond Raoul Serrée. Hij organiseert wandelingen voor toeristen waarin hij als soldaat verkleed over de Wallen loopt.
‘Als ik in mijn kostuum over de Wallen loop, trek ik altijd de aandacht van Engelsen. Ze komen bij me staan, schreeuwen tegen me en pakken me vast.’
Hellebaard
Vooral het vastpakken is gevaarlijk, want Serrée heeft altijd een hellebaard (een hakbijl die aan een lange stok vast zit) bij zich. ‘Vorig jaar werd ik door een Engelsman bij mijn schouders vastgepakt. Ik schrok en mijn hellebaard schoot naar achteren. Hij kreeg hem bijna in zijn gezicht.’
Vanwege het incident moest Serrée zijn wapenvergunning inleveren. Drie jaar daarvoor had hij al besloten om ’s avonds niet meer met groepen over de Wallen te toeren. ‘Als ik overdag gestoord wordt, dan kan ik mijn verhaal nog onderbreken, maar’s avonds zijn die Engelsen niet te houden. Ik loop eigenlijk liever niet meer verkleed rond.’
Ook Jim Zielinski, general manager van hotelketen The Bulldog, is de overlast al een tijd zat. ‘Mijn vrouwelijke werknemers aan de receptie wilden niet meer ’s avonds werken. Soms moesten ze wel vijf keer op een avond braaksel opruimen.’ Daarnaast waren de Engelse groepen hem te luidruchtig, dominant en baldadig. ‘Pas als ik mijn hostel verbouw tot een rubberen, roestvrijstalen zaak met hogedrukspuiten op de gang, ben ik er tegen opgewassen.’
Sinds vijf jaar hanteert Zielinski een streng toelatingsbeleid. Groepen krijgen een aparte e-mail waarin The Bulldog onder meer vraagt of het om een vrijgezellenfeest gaat. Ook maakt het voor Zielinksi uit of het mannen of vrouwen zijn. ‘Een leuke groep vrijgezelle Britse vrouwen met pruiken op hebben we liever dan een groep kale mannen die om een uur ’s middags al loopt te kotsen.’ Incidenten met mvd’s komen bij hem nauwelijks meer voor.
Niets mis met lol maken
Het Amsterdamse stadsdeel Centrum geeft aan dat ze deze groep Britten met hulp van de politie aanpakt. Ook probeert het stadsdeel meer dure hotels te creëren om zo hoger opgeleide en in cultuur geïnteresseerde Britten aan te trekken. Volgens een woordvoerder van het stadsdeel is het probleem verder moeilijk op te lossen. ‘We weten dat deze male vertical drinkers overlast veroorzaken, maar we kunnen ze niet weigeren.’
Amsterdam is niet de enige stad die dit soort Britten aantrekt. Volgens het stadsdeel Centrum zou het in Praag allemaal veel erger zijn. ‘Tickets naar Oost-Europese steden worden steeds goedkoper en omdat alcohol daar veel minder kost, vliegen ze vaker naar bijvoorbeeld Praag. We hopen dat Amsterdam daardoor minder populair wordt.’
De Amsterdam Tourist and Conference Board (ATCB) verklaart dat ze niets tegen deze Britten kan doen, maar dat ze de ondernemers die zelf maatregelen treffen, steunt. En als het probleem écht uit de hand loopt, wil de ATCB met de Britse overheid samenwerken om de situatie op te lossen. Ze denkt daarbij aan een ‘publiekscampagne.’
De Britse ambassade in Den Haag is niet onder de indruk van de problemen met Britse toeristen. Een woordvoerder laat weten dat ‘jonge Britten die naar het vaste land gaan er gewoon voor kiezen om te feesten. Het zijn mensen die de hele week hard werken en in het weekend lol willen maken. Daar is toch niets mis mee?’
Geen probleem
Volgens de ambassade zijn er relatief weinig Britse toeristen die in Nederland in de problemen raken. ‘Van de twee miljoen landgenoten die vorig jaar in Nederland waren, kwamen er maar 240 met problemen naar onze ambassade en ons consulaat.
De Amsterdammers zouden zelf de grootste problemen veroorzaken. De Britse woordvoerder: ‘Soms maken mensen een probleem over iets wat helemaal geen probleem is. De Nederlandse media overdrijven de zaak ook heel erg. Wij zeggen: you don’t have to mend the machine before it’s broken.’
Vanwege het braken van Dave wordt het vijftal dringend verzocht het café te verlaten. Steve gaat als laatste de straat op. Voordat hij de deur uit is, schreeuwt hij ‘kut!’ naar een barvrouw.
De vijf jongens lopen door de Warmoesstraat. Tegen het hek van een brug staan fietsen. Het oog van Steve valt op een zwarte omafiets die niet aan het hek vast gemaakt is. ‘Hé Harry, kun je me een handje helpen?’ Steve en Harry pakken de fiets, tillen hem over het hek en laten hem los. Plons! Intussen loopt een groep van acht Engelse mannen voorbij.
Bij het zien van de actie juichen ze luidkeels in koor: ‘England! England! England!’