• Hey, waar zijn de Tripreports van de Maand gebleven?

    Ben je de Tripreports van de Maand en andere toptripreports kwijt? Deze hebben we onlangs verzameld in een eigen subforum, getiteld Tripreport Toppers. In dit subforum staan alle toppers in chronologische volgorde verzameld. Lekker makkelijk terugzoeken!

NiandraLades

Bewuste gebruiker
Tripreporter
BOOS

Niandra: 187 µg 1P-LSD
Tripmaatje: 337,5 µg 1P-LSD

Mijn half verduisterde woonkamer, met kleedjes op de grond, schapenvellen, veel kussens en dekentjes, sfeerlichtjes en kaarsjes overal om ons heen, rustgevende muziek, palo santo. We zijn er klaar voor. We mediteren, spreken verwachtingen en intenties uit, reinigen het huis en elkaar met salie. Om 11.00 uur nemen we onze eerste dosis in: allebei een zegel 1P-LSD van 150 µg. We maken een korte wandeling en komen na een half uur terug voor onze volgende dosis.
Hij praat, ik luister. Een comfortabele, vertrouwde rol.

Als we de straat van mijn huis weer in lopen, is mijn zicht al flink vervormd. De huizen zien eruit alsof ze digitaal getekend zijn en het geheel lijkt op een animatiefilm. Ook geluiden en andere prikkels komen nu heel anders binnen en ik kan me allang niet meer concentreren op de inhoud van T zijn verhaal. Even komt mijn angst omhoog: wat als ik weer de computerwereld in ga, daar waar alles koud, gevoelloos en zielloos is? Een gevoel van paniek overvalt me kort maar al snel kan ik het wegrationaliseren.

De come-up vind ik altijd de meest lastige tripfase. Ik moet echt nog even (opnieuw) vriendjes worden met het middel. Mijn ego weet dat het weer wat verder afgebroken zal worden en verzet zich. De woonkamer voelt klein, drukkend en beklemmend en ik ben nog te onrustig om te gaan liggen. De woonkamer staat blank van de rook van de salie, al kan het ook zijn dat ik het hallucineer. Ik geef T zijn dosis van 75 µg. Mijn dosis neem ik een kwartier later in. Ik loop nog wat onrustig rond tot ik dan toch maar een nestje op de grond maak om de trip te ondergaan.

T+1 – De effecten nemen in snel tempo toe. De playlist die ik zorgvuldig heb samengesteld, loopt achter op het verloop van mijn trip – mijn piek komt sneller dan de piek van de muziek. Ik merk ook dat ik steeds meer in de muziek verdwijn. Wetende dat wat er nog gaat komen nog wat intenser gaat worden (Sphongle), hou ik mijn hart vast. T merkt ergens nog op dat zijn trip mild is. Ontzettend moeilijk om me daar een voorstelling bij te maken omdat het voor mij zo anders is. Ik besluit hem nog een kwartje bij te geven. Maar zelfs dan valt het effect tegen. Ten slotte krijgt hij na een tijd wachten dan nog een half zegeltje; meer geven vind ik niet verantwoord. Het kost me de grootste moeite een zegeltje uit de koelkast te pakken en door te knippen. Ik kan amper wat zien door de visuals en vergeet steeds wat ik moet doen. Als het gelukt is lukt het me vervolgens niet meer om de rest van de LSD weer terug in het zakje te doen en in de koelkast te leggen. Ineens is de rest van de LSD verdwenen en het lukt me niet het te vinden of mijn hoofd erbij te houden. T moet me letterlijk de keuken uit slepen om het los te laten. Eenmaal de keuken uit laat ik het achter me. Vlagen met humor komen omhoog; de LSD kan zo de spot drijven met alles en zet dit hele gebeuren theatraal neer.

T+2 – Ik ga het niet redden. De piek die ik probeer te onderdrukken omdat het te vroeg is op de zorgvuldig uitgezochte muziek, komt er toch echt aan.
De klankschaal legt alles in mij onmiddellijk stil. De tijd stopt. Mijn gedachtes stoppen. Als een film die op pauze wordt gezet.


I release control… and surrender to the flow…

Weg, stilte, leegte, niets, alles? Geen idee – ik ben weg – ik ben hier – ik ben ergens – ik ben nergens. Ik weet het niet. De vragen komen als vanzelf omhoog en volgen elkaar logisch op. Geen tijd, geen ik, dan ineens weer wel, ertussenin.

Daar komt het – omhoog omhoog – adem. Alles is wit. Ik begin enorm te trillen en te klappertanden en rare geluiden te maken. JA, JA, daar ga ik weer, ik herken dit, omhoog, omhoog, mijn trilling verhoogt, hier ben ik vaker geweest. Diepe concentratie, alle kracht van mijn geest is nodig. De poorten gaan open, ik krijg toegang, heb de sleutel van de onzichtbare deuren weer gevonden. Ik kom langs iets duivels, het komt door mij heen, het is al eeuwenoud en het is demonisch, bah, ik ga gauw rechtop zitten als ik bijna moet overgeven door deze oude vieze, drabbige, smerige demonische vloek. Maar het is goed want ik weet dat ik naar de kern toe ga, het hoort erbij het moet er zijn, onderweg. Ik raak buiten mijzelf, het collectieve bewustzijn neemt bezit van mij, zit in mij, of absorbeert mij. De tunnel van euforie, O GOD, JA, JAAAAAAAAA, JAAAAA hier wil ik zijn, hier waar alles is, hier waar alles is ontstaan. Maar dan plots het besef dat ik luidruchtig ben, dat ik weer alle aandacht naar me toe trek, denkt hij dat ik gek ben geworden?
Ik hou me in en knal weer omlaag.

Sjamanistische muziek – woonkamer – ik gooi mijzelf tegen de bank aan en ben uit het niets ineens BOOS, ZO BOOS. OH WAT BEN IK BOOS! IK BEN NOG NOOIT ZO BOOS GEWEEST! Ik begin weer hard de trillen en te klappertanden, maak rare geluiden, klim omhoog – en dan – BAM. Wat er hier gebeurt weet ik niet. Het gebeurt in enkele seconden aardetijd – maar ik kreeg toegang tot een heel universeel Meesterplan – donker – en veel sneller en intelligenter dan ik ooit kan bevatten. Ik heb hier eerder fracties van mogen zien, tijdens eerdere trips. Ik weet al dat ik het niet meer zal kunnen herinneren zodra ik eruit ben. Dan word ik eruit geknikkerd en bij de afsluiting zie ik iemand staan. Hij kijkt me vuil aan. De persoon in mijn leven die me ooit enorm heeft belazerd.
Godverdomme. Hij en ik zijn echt met elkaar verbonden en dat gaat voorbij ons normale leven.

Ineens staat hij voor me. Ik zie hem letterlijk voor me staan in de woonkamer.

GODVERDOMME. WAAR HAALT HIJ HET GORE LEF VANDAAN OM ZO MIJN WOONKAMER BINNEN TE DRINGEN???!!!

Nu word ik écht kwaad. En hij ook. Kwaad?? RAZEND! RAZEND BEN IK! Hij ook. Ik voel hem, ik zie hem, hij ís hier. We kijken elkaar heel vuil aan, onze gezichten heel dicht tegen elkaar aan. Zijn gezicht zit aan één kant vast aan het mijne. Wegkijken kan niet. “WAAROM” roep ik hardop, “WAAROM??!!!”. WAAROM, WAAROM, WAAROM???!!!
Zijdelings hoor ik T zeggen: “JA, waarom???!” Hij mompelt nog meer en lacht ook nog maar dit is iets tussen mij en X dus ik negeer hem, hou je erbuiten.
Ik word nog kwader en huil heel hard en sla om me heen. Ik vertrouwde X!! Ineens is T daar, hij houdt me vast en troost me – goedbedoeld, maar dat wil ik niet. Ik moet dit alleen doen. De razernij bouwt nog verder op maar dan ook het verdriet. Diep, hartverscheurend verdriet. “Het is mijn kínd”, roep ik naar X. “Hoe durfde je!!”

Ik huil, ik ben hier, ik ben niet hier, ik ben nergens, ik ben ergens diep in mijn onderbewuste, ben ik van de bank gerold? De boosheid zakt. Opluchting. Bevrijding. Verdriet blijft over. Zijn hoofd is nog steeds heel dicht bij het mijne, aan één kant zitten we aan elkaar vast. Als ik beweeg beweegt hij ook, als ik knipper knippert hij ook, als ik mijn mond beweeg doet hij dat ook. Alsof ik in een spiegel kijk. Waarom hij, waarom precies hij? Als ik dan toch een soort evil-twin-tegenpool moet hebben, waarom dan precies hij? Maar of ik het nou wil of niet, ik kan er niet omheen: hij lijkt op een bepaalde manier op mij, en op alle andere mensen, met al hun uiteenlopende menselijke imperfecties en neigingen.

Maar bovenal zie ik licht en liefde in de kern. Ondanks alles. Hij is niet kwaadaardig. Voorbij de oppervlakte van zijn gedrag wat voorbij alle perken ging, is ook hij zuiver licht en liefde. Zelfs zijn gedrag komt uiteindelijk voort uit liefde, hoe ziek ook, en uit beschadiging. Dat praat zijn gedrag niet goed, maar maakt het wat begrijpelijker. Wat een afschuwelijk ingewikkelde liefde. Voor het eerst heb ik met hem te doen.

Als ik nu in zijn bruine ogen kijk zie ik verdriet en pijn, maar ook liefde en compassie. Als ik een negatieve gedachte heb voel ik hem direct gespiegeld en teruggekaatst worden en een last op mijn schouder drukken. Bij een positieve gedachte krijg ik die ook direct terug. Nu zo letterlijk en direct voelbaar. En op dat moment ben ik eindelijk niet meer boos op hem. In de kern begrijp ik hem.

Ik heb de boodschap begrepen.
Ik vergeef.
Onze gezichten versmelten in elkaar. Hij is in mij, ik ben in hem, wij zijn dezelfde.
En dan is hij weg. Ik voel zijn energie niet meer. Hij is opgelost. Hét is opgelost.


T+3. Holy shit. Ik ben weer terug in de ruimte van de dagelijkse realiteit. Ik voel me angstig en verward en overweldigd en héél kwetsbaar. Holy fuck, is er zojuist een trauma in mij geheeld? Ik ga tegen de bank zitten en neem even de tijd om te ademen. Waar was ik net en wat is er allemaal gebeurd? Was hij hier echt?
Ik wist niet dat dit nog in mij speelde. Ik had al een tijd niet meer aan hem gedacht en dacht dat ik het had verwerkt. Ik weet dat het goed was dat dit naar boven kwam – het was me nuchter nooit gelukt om hier bij te komen – maar ik voel me even totaal overweldigd. Ik begrijp ineens de voordelen van professionele begeleiding tijdens een psychedelische reis.

T ligt op de grond en huilt. Wat heb ik gedaan? Fuck, ik ben me totaal niet bewust geweest van hem. Totaal niet afgestemd. Niet eens de hele tijd in mijn lichaam geweest. Hoe luidruchtig ben ik geweest? Heb ik hem laten schrikken met mijn woede, mijn afwijzing, die totaal niet over hem ging? Ik heb totaal geen zorg voor hem gedragen terwijl ik verantwoordelijk ben. Ik ben ervaren, hij relatief onervaren hiermee. Ik begin al uit de trip te komen. Hoeveel uren ben ik hier mee bezig geweest? Dan valt de playlist me op. Slechts 30 minuten verder. 30 minuten, hoe dan??! Dat kan niet!! Niet te geloven.

Nog altijd overweldigd probeer ik eerst mijn eigen rust weer te vinden. Hij huilt nog steeds. Hoe lang al? O God, hij heeft natuurlijk een bizar hoge dosis genomen en hij is nu waarschijnlijk aan het pieken. Hij ligt vast niet comfortabel – met zijn hoofd van het schapenvel af op de grond, met zijn tengere lichaam enkel scheef op het schapenvel, dekens langs hem heen in plaats van op hem. Wat voel ik me harteloos. Zo met mezelf bezig.

Hij lijkt zich niet echt van mij bewust te zijn, heeft mogelijk niet eens veel van mijn woede meegekregen. Ik wil hem zachtjes roepen, maar ineens kom ik niet op zijn naam. Wat was zijn naam nou ook alweer?! Ik ken hem al een paar jaar. O God, hoe kan ik zijn naam nou vergeten?! Ik zoek in alle uithoeken van mijn hersenen maar ik weet nu al dat ik de naam niet ga krijgen. Ineens besef ik me dat ik dit vaker heb tijdens trips. En ik weet waarom: hij is niet zijn naam, ik ben niet mijn naam, dat is niet wat ons identificeert, en daarom op dit punt geheel onbelangrijk. Afgescheidenheid kan dan een illusie zijn; toch is het beschamend en bijzonder onpraktisch om zijn naam niet meer te herinneren! Daarom zoek ik koppig door in mijn hoofd en probeer de LSD te slim af te zijn. LSD en ik voeren een intens gevecht vol humor, het daagt me uit en drijft de spot met me, maar hoe kan ik dit ooit winnen?!

Ik kijk het een tijdje aan, probeer non-verbaal contact te maken, maar hij ziet me niet. Misschien gaat hij nu door een eigen proces en is het beter dat ik niet stoor. Maar ik wil hem helpen. Het zou beter zijn als hij van die harde grond af gaat. Uiteindelijk maak ik voorzichtig contact (waarbij zijn naam roepen niet nodig is :grin:) en stel ik voor om samen op de bank te gaan liggen. Dat lijkt hem heel fijn, maar dat is nog een hele klus voor hem. Zijn huilbui is plots over. Grappend gaat hij op handen en knieën naar de bank. Ik besef me dan pas hoe diep hij in zijn trip zit en hoe zijn emoties alle kanten op slingeren. Hij kijkt me speels en verwachtingsvol aan en ik wijs naar de bank. “Het lukt niet”, zegt hij lachend, grappend? “Nee echt, nee echt, het lukt niet.” Ik merk dat hij direct reageert op mijn vingers en op mijn gebaren: als ik mijn hand vlak hou beweegt hij niet, en als ik mijn vingers beweeg beweegt hij op dezelfde manier als mijn vingers naar mij toe. Alsof er een lijntje gespannen is. Ik schrik van deze macht die ik plots over hem lijk te hebben en gebaar hem nu heel duidelijk de bank op terwijl ik hem vastpak zodat hij niet omvalt. Het werkt. Ik zucht van opluchting. Onze lichamen plotseling zo dicht bij elkaar aan is een intense sensatie. Hij is warm en zacht en zweterig en duidelijk in een roes. Hij brabbelt iets, mompelt iets, wil dat ik op hem klim. Dan een misplaatste seksuele opmerking van hem. Ik ga naast hem liggen en hou hem vriendelijk vast, ik weet dat hij te ver weg is en het niet zo bedoeld. “Rustig, rustig, rustig” fluister ik in zijn oor, en hij knikt, “ja, ja” terwijl hij zichtbaar rustig wordt.

T+4. Met mijn ogen dicht voel ik een soort kleine bezielde bubbeltjes vlakbij me. Het voelt alsof ze leven. Praten ze terug? Kan ik met ze communiceren? Ik maak kleine fluistergeluidjes en probeer te communiceren via de klank van mijn ademhaling. Daarop volgt een trilling en heb ik het gevoel dat ik zichtbaar wat uitzend. Als een radiostationnetje zend ik een paar keer wat uit op deze frequentie, “hallo, is daar iemand?”
Niets. Ik lach om mezelf.

We luisteren naar de muziek, zo intens mooi. Zo liggen we een tijd naast elkaar terwijl het effect beetje bij beetje minder wordt. Hij verontschuldigt zich voor mogelijk grensoverschrijdend gedrag en zegt op momenten “buiten zichzelf” te zijn geweest. Het is niet erg. Ik was zelf met vlagen ook buiten mijzelf. Daar heeft hij gelukkig niet veel last van gehad.

Zo gaan de uren voorbij. Naarmate de effecten afnemen lukt het steeds een beetje meer om aan elkaar te vertellen wat we hebben meegemaakt.

Aan het eind 'douche ik de trip af'. Zo fijn! Nadien zit mijn tripmaatje vol optimisme, vol plannen, ambities, dromen, intenties. Ineens lijkt alles weer mogelijk. Ik ben voorzichtiger omdat ik weet hoe het dagelijks leven gauw weer de ingesleten patronen en gewoontes met zich meebrengt. Toch heeft deze trip veel in me opgeschoond. Wonderbaarlijk!
 

jeroen79

Bewuste gebruiker
Wat een mooi geschreven trip report en wat een bijzondere intense ervaring heb je/jullie beleefd. Van samen naar ieder afzonderlijk weer naar samen.
 
Bovenaan